Archives for category: Ergernissen

Vandaag las ik een klein stukje in de Leeuwarder Courant van de een of andere droplul (daarom las ik maar een klein stukje dus) die zijn facebook had gecheckt of niet al zijn vrienden inmiddels hadden opgezegd. En, zo concludeerde hij, gelukkig waren de meeste van zijn vrienden niet van die kuddedieren en kon ook hij dus rustig zijn tijd blijven verdoen in de wetenschap dat zij nog steeds getuige konden zijn van wat hij nou weer in z’n mond had gestoken, wat voor onzinfilmpjes hij had gedeeld en natuurlijk de laatste foto’s van zijn dure vakantie bekijken. Ja, laten we wel wezen, je hebt toch niks aan zo’n vakantie als je niet aan de wereld kunt laten zien hoe geweldig het was, toch?

Nou, dl, ik ben wel los van facebook. Heerlijk is het. In mijn geval niet eens omdat ik er voortdurend van alles op postte; nee, eerder omdat mensen (en facebook zelf) je er voortdurend op attenderen dat je nodig weer eens wat van je moet laten horen!
Kuddedieren? De meeste mensen hebben volgens mij een facebookaccount, alleen maar omdat iederéén dat immers heeft? 9,7 miljoen kuddedieren. En zeker 12.000 mensen waren er klaar mee, met dat kuddegedrag, en hebben de knuppel daadwerkelijk in het hoenderhok gegooid.

arjen lubach.jpg

Natuurlijk kon je dat ook doen, zonder dat Arjen Lubach die actie op touw zette. Maar, beste dl, zo kun je ook elke dag wat overmaken aan het Reumafonds bijvoorbeeld. Toch doen de meeste mensen dat niet en daarom is er 1x per jaar een grote actie, de collecte. En dan halen we met z’n allen een smak geld op, waardoor wellicht jouw oude moedertje met rimmetiek nu ook betere medicijnen kan krijgen.

Jammer dat ik niet meer boos kan reageren op facebook, gniffel, maar hé, nu schrijf ik eindelijk weer eens een blog! Die nu dan wel niet meer zoveel gelezen zal worden, aangezien ze op facebook niet zien dat ik hem geschreven heb…

Tja, moedig zijn en geen kuddedier, is ook best wel eens lastig…

Léia

Advertenties

Ik heb het even nagekeken: Pasen valt dit jaar (en dit is geen grapje) op 1 april.
1 April, dat is nog precies 70 (zeventig!) nachtjes slapen.

En tot mijn stomme verbazing lagen er vandaag al weer paaseitjes bij de Lidl bij de kassa te lonken. Uit pure stomme verbazing heb ik zo’n zakje gekocht en ik heb ze als een soort statement op de salontafel gezet, onder het wakend oog van muis.

paaseitjes

Ik had een goed plan: een challenge (jazeker, weer een challenge) om tot aan Pasen, dus 70 dagen, die eitjes ongemoeid te laten. Want hoe schandalig is het dat er nu al paaseitjes in het schap liggen?

Jammer genoeg was ik druk bezig, daardoor wat afgeleid en ongemerkt heb ik per ongeluk al een eitje in mijn giecheltje gestopt. Ach, challenges zijn toch ook zó 2016…

Léia

Zijn er ook mensen die niet altijd het gevoel hebben dat er altijd en overal een bult werk op ze ligt te wachten? Die van het ene vertrek in het andere lopen en denken: oh, ik moet hier even stofzuigen, oh, ik moet de was even uit de machine halen, oh, hier ligt nog een stapel broeken die ik moet strijken, oh, die mapjes kan ik nu ook wel weer opruimen, oh, die bult met boeken naast m’n bed moet ook eens weg, oh, ik moet even toiletpapier van beneden halen, want dit hier is bijna op, oh, wanneer kan ik nou eens dit wandje gaan behangen, oh, oh, oh.

En het ergste vind ik het nog wanneer je de computer aanzet. Er ligt altijd wel een mailtje op je te wachten, een prijsje van de postcodeloterij dat je moet verzilveren, een formuliertje op een website dat je even moet invullen; of je moet je nog opgeven voor de een of andere interessante bijeenkomst, iets betalen, even snel kijken wat er op facebook gebeurt of een interessant filmpje bekijken. En het lijkt nooit op te houden, want je hebt je laatste mailtje nog niet verstuurd, of je hebt alweer een reactie op de eerste binnen.

Ik had graag voor 12 uur vannacht nog een berichtje willen posten, maar ik werd even opgehouden. Door een e-mailberichtje. Na een hele dag van digitale klussen opknappen, kreeg ik de vraag of ik niet zo actief was met e-mail? Want hij had gehoopt dat ik al gereageerd zou hebben.

schoenen

Zie je, de moed is me in de schoenen gezakt. Voor vandaag geef ik het maar even op….

Léia

Eergister ofzo zag ik op facebook een interview voorbijkomen met Simon Sinek, waarin hij vertelde dat ‘de jeugd van tegenwoordig’ opgroeit met misschien wel de grootste verslaving ooit: technologie. Allemaal hebben we een smartphone (liefst een hele dure), een iPad en natuurlijk een (spel)computer (maar wel eentje met flink veel vermogen!).

Dat we door al die apparatuur, waarmee we constant in contact staan met de rest van de wereld (maar dan wel virtueel…), juist het sociale contact met echte mensen verliezen, dat snappen we allemaal al. En dat onze jongeren daardoor niet meer leren om sociale contacten aan te gaan, of ermee om te gaan, dat lijkt niet meer dan een (tamelijk desastreus als je het mij vraagt) logisch gevolg.
Maar is dat nu ook al te merken?

In het filmpje noemt deze meneer het wachten tot een vergadering begint. In plaats van even met elkaar te babbelen (socializen) zitten we druk te duimen op de smartphone. Iedereen lekker in zijn eigen (kleine) wereldje. En als de vergadering begint, liggen de telefoons op tafel, want natuurlijk moeten we wel in contact blijven met… Ja, met wie? Me dunkt met de vergadering!! Jij hebt als collega een plan voorbereid, staat dat serieus te presenteren, wilt graag wat meningen horen en wat blijkt? De helft heeft nauwelijks gevolgd waar je verhaal over ging… Dat is: respectloos!

En op dat moment drong het tot me door waarom ik zo de pest heb aan smartphones tijdens de les. Op het moment dat er iets bliept of piept, is direct de aandacht weg. Dat is lastig als je iets aan het uitleggen bent, en nog veel erger is het wanneer je merkt dat studenten dan hun aandacht ook echt liever blijken te richten op hun telefoon dan op jouw les. Ze moeten even naar het toilet, of wachten tot jij even iets pakt of iets opschrijft en als ze denken dat je het niet doorhebt, dan gaan ze direct ‘stiekem’ even kijken. En nog erger is het, wanneer ze gaan liegen tegen je over iets vreselijk belangrijks op de telefoon, dat ze wel even móeten beantwoorden en je dan rustig laten wachten tot ze hun snapje hebben verzonden, of een paar emoticons als reactie op een whatsappje.  Respectloos.

snapchat 2.0

Snapchat 0.2

Maar dat begrijpen ze niet, precies, door een groeiend gebrek aan sociale vaardigheden.

Daar moeten we iets aan gaan doen, met z’n allen. Dat is ónze verantwoordelijkheid!

Léia

 

Is het je wel eens overkomen dat je per ongeluk aan het verkeerde knopje zat te draaien en daarmee de oven aanzette in plaats van het gas onder je fluitketel? En dat je in de oven een paar ovenwanten had opgeborgen?

ovenwant

Mij wel. Die groene was echt al lekker bruin aan het bakken…

Dat had zomaar helemaal verkeerd af kunnen lopen. Gelukkig maar dat de kwaliteit van Hello Fresh-producten zo uitstekend is…

Léia, still alive and kicking…

Tot vandaag legde ik altijd mijn kam in de badkamer op de stortbak van het toilet.
Oude gewoonte; voordat ik daar een toilet kreeg, stond er een stapel Ikea-bakken voor de vuile was en daar lag nou eenmaal altijd mijn kam bovenop.

plee

Maar het moest natuurlijk een keer fout gaan. Vanmorgen bijvoorbeeld, vlak nadat ik had doorgetrokken, nam mijn kam een duik de pot in. Gelukkig kon hij de bocht niet nemen, dus ik heb hem gered, maar dat had me een lelijke verstopping kunnen veroorzaken….!

Nummer 6 uit de lijst van “Things to start your day in a much better way” (vrije titel van mij) van Tony Robbins: “Change habits or patterns that aren’t helping you”.
Kam heeft een nieuw plekje.

Goed bezig Léia

Je woont in een hele gezellige kinderrijke buurt en aan het eind van de straat staat een groot huis, met een grote tuin. Naast die tuin is een stuk niemandsland. Of eigenlijk is het iedereensland, want alle kinderen uit de buurt (en ver daaromheen) komen er spelen. Ze klimmen in bomen, spelen verstoppertje, trappen een balletje en eten er frambozen, besjes en bramen uit de struiken. In de herfst zoeken ze kastanjes en beukenootjes, in de winter maken ze sneeuwpoppen en bekogelen ze elkaar met sneeuwballen en in het voorjaar zoeken ze kikkervisjes in de sloot.

Heel lang geleden had de vader uit het grote huis een wip gebouwd voor de kinderen en een klimrek. Die zette hij niet in zijn eigen tuin, maar in het iedereensland, zodat alle kinderen er van konden genieten. En hij hing een schommel in de boom, waar je heeel hoog mee kon schommelen! En in de winter, als het koud was, bracht de moeder uit het grote huis de kinderen in de speeltuin chocolademelk en speculaasjes…
De bewoners van het grote huis onderhielden jarenlang de speeltoestellen en het voetbalveldje. Tot de laatste generatie; deze kinderen waren uitgevlogen en alleen de oude mevrouw en meneer woonden nog in het grote huis. Gelukkig hadden de vaders uit de buurt het onderhoud van de schommel en de andere toestellen op zich genomen en moeders deelden in de winter chocolademelk uit en iedereen was gelukkig.

schommel.jpg

Tot op een dag de oude meneer dood ging en zijn vrouw, die al wat was begonnen te dementeren, werd naar een verzorgingstehuis gebracht. Hun grote huis werd verkocht aan een beetje een excentrieke dame, die direct liefdevol werd opgenomen in de buurt. Ze werd overal uitgenodigd op de koffie, ze brachten haar soep en deden boodschapjes voor haar toen ze ziek was, en omdat ze een keer had verteld dat ze bingo zo’n leuk spelletje vond, organiseerden ze speciaal voor haar een bingo-avond in het buurthuis.
Op een dag belde de dame aan bij de voorzitter van de buurtvereniging en vertelde dat ze op het kadaster was geweest, waar ze haar vermoeden hadden bevestigd dat de boom, waar de grote schommel aan hing, op haar grond stond. Ze wilde dus graag dat de schommel zou worden verwijderd! De voorzitter was in shock. De schommel weg? Maar die hoorde daar in die boom te hangen, daar hing ie al jaren! Hij stond op het logo van de speeltuinvereniging en het was de profielfoto van de website. Ze hadden er zelfs liedjes over geschreven! De kinderen kwamen van heinde en ver om een keertje op die schommel te mogen schommelen. Hoezo weg?? “Ja”, zei ze: “als jullie de schommel ophangen aan die tak, dan klimt er altijd iemand in mijn boom en ik wil het gewoon niet meer hebben. Het is mijn boom!” De voorzitter begreep er niks van. “Ja maar lieve mevrouw, dat doen we toch zeker niet om u te pesten?” Hij kon hoog springen en laag springen, ze bleef bij haar standpunt. Ze haalde er zelfs een rechter bij, en die zei: “Nou, de schommel hangt aan een tak die boven het iedereensland uitsteekt, dus eigenlijk is die tak van iedereen. Bovendien heeft destijds de eigenaar van uw huis, zélf die schommel daar neergehangen”. Waarop de dame dreigde om de tak dan van de boom af te zagen. Maar dat mocht niet, want de boom was al heel oud en daar mag je niet zomaar in gaan zagen! “Maar mijn arme boom dan!” protesteerde de dame tegen de rechter: “Die lijdt onder dat geschommel!” Dat was natuurlijk flauwekul, want immers, die schommel hing er al zoveel jaren, en de boom vond het gewoon fijn dat de kinderen er zo van genoten. Dus de rechter zei dat de buurtvereniging er op toe moest zien dat de schommel met de grootste voorzichtigheid in de boom moest worden gehangen, om beschadigingen te voorkomen en dat de dame verder niet zo moest zeuren. Het plezier van de kinderen vond hij, net als de heele buurt, veel belangrijker dan haar gezanik…
Bovendien, er waren in de loop der jaren al aardig wat aanpassingen gedaan in de speeltuin. De gammele wip was vervangen door twee wipkipjes, zodat de kinderen ook lekker alleen konden wippen, en het draaiende tonnetje, waar al een paar keer iemand vanaf was gevlogen omdat het te hard ging, was om veiligheidsredenen vervangen door een glijbaan. Als op een dag de tak zou afbreken in een herfststorm, dan zou ook vanzelf een andere oplossing gevonden worden voor de schommel…

Het werd voorjaar en de schommel, netjes die winter geschuurd en gelakt door de voorzitter,  zou weer in de boom worden gehangen. Toen bleek de dame het paadje naar de boom, waar iemand in zou moeten klimmen, volgeplant te hebben met narcissen, zodat ze er niet langs konden zonder haar eigendom te beschadigen… De buurt was aan het overleggen wat ze nu moesten doen en dat duurde de kinderen eigenlijk wat te lang. Het was zulk mooi weer en ze wilden schommelen….

Stel, plotseling staan er een paar trots glimmende kinderen in je keuken, met rode wangen en blaadjes en takjes in hun haar en in hun kleren. En met een grote bos narcissen in hun handen. “We hebben de schommel opgehangen! Maar we wilden de bloemen niet stuk trappen, dus we hebben ze voor jou geplukt mama!”
Je zoekt je meest strenge gezichtsuitdrukking ergens binnenin en zegt tegen de kinderen: “Maar jongens, je mag toch zeker geen bloemen plukken uit iemands tuin! Foei! En het is best gevaarlijk om zomaar in die hoge boom te klimmen! Niet weer doen hoor!” Je strijkt je zoon vervolgens trots over de bol, draait je om en zet glimlachend de narcissen in een grote vaas, midden op de tafel.

Zo voelde ik mij gister ongeveer. Het mag misschien niet, maar is het echt nodig dat je een kinderfeest komt verstieren? “Foei jongens op de A7!” En van mij een liefdevolle aai over je bol….

Léia