Een van de leuke dingen van de zomer, vind ik dat we veel meer in contact komen met de natuur. Nou is er in de winter niet zoveel natuur (kale bomen, winterslapende beren), maar zodra de ramen opengaan en we met ons glaasje wijn en de Linda op de loungebank in de tuin gaan zitten (bij mij is dat meestal een kopje thee en een dik boek op m’n ouwe schommelbankje) begint ook weer het grote genieten van de natuur. De planten gaan zo prachtig bloeien, er zoemt een vriendelijk bijtje, of er fladdert een lief vlindertje, en als je ’s avonds de hond uitlaat loopt daar zomaar een egeltje, fantastisch! En degenen die zich met de natuur bemoeien en de tuin onder handen nemen, zijn ook al blij als ze een paar dikke vette regenwormen ontwaren.

Zoals het met alles gaat, zit er aan dit idyllische plaatje natuurlijk ook een andere kant. Slakken die je planten opvreten of via de klimop door je open raam naar binnen zijn gekropen of nog erger, waar je met je blote voeten in gaat staan. Vlooien die het warme weer gebruiken om in enorme aantallen je huisdier op te vreten (en jou erbij als je pech hebt). Vorige week nog zat er een sprinkhaan tegen het plafond van mijn douche. Nu ben ik niet meer bang voor sprinkhanen (dit in tegenstelling tot de eerste keer dat ik zo’n dier per ongeluk onder de tafel wegplukte en in paniek begon te roepen: “HELP!! Hij sprinkt, hij haant!!”), maar zo’n gifgroen diertje in je douche… Niet dat ik me schaam voor een sprinkhaan, maar als het beest nou eens van mijn naaktheid schrikt en zijn evenwicht verliest (hoe doen ze dat trouwens, zo op de kop aan je plafond hangen…?) en bovenop je blote lijf valt?! YUK!

En dan het meest irritante van alles: fruitvliegjes. Je kunt nog zo je best doen, maar als er even een banaan in de fruitschaal z’n beste tijd ligt te hebben gehad, dan grijpen ze hun kans. Ze schijnen maar 1 dag te leven, maar die ene dag zijn ze dan blijkbaar voor de helft bezig om zich te vermenigvuldigen. Met 12, schat ik zo in.

Omdat ik ook mijn bijdrage probeer te leveren aan het milieu, onder andere door het gft-afval in een compostton te storten, heb ik een bakje op het aanrecht. Een bakje waar ik de schilletjes, de pitjes, de dopjes, de steeltjes en de theezakjes in verzamel, totdat ik het buiten in de ton leeggooi. Fout! Want als je een meloen halveert en even een stukje folie gaat pakken om een helft af te dekken voor later, dan zijn er al zeker 30 van die krengetjes op je meloen geland om mee te genieten, laat staan dat je een bakje met schilletjes en pitjes ongestraft 10 minuten op het aanrecht kunt laten staan!

Toen zag ik gister op facebook een tip van iemand die een papieren trechtertje op een glazen vaasje had gezet en in dat vaasje lagen een stukje banaan en wat perzik geloof ik. En er zaten honderden fruitvliegjes in. Het was een fruitvliegjesval!
Dat deed me denken aan een jaar of wat geleden, toen we in Heerenveen een wespenplaag hadden. Mijn zoon had toen van een lege spafles het bovenste stuk afgesneden en dat op de kop in de onderste helft gezet. In de fles zat een laagje zoete limonade. Ze waren er dol op. De wespen die door de nauwe flessenhals op de limonade af waren gekomen, konden er niet meer uit en verzopen in de limonade. Ik had er een flinke laag in gedaan, want eerlijk waar, als ik ’s avonds de buit ging tellen, dan zaten er met gemak 400 dooie wespen in die fles. De buren zullen wel blij geweest zijn, want natuurlijk haalden wij zo wel alle wespen naar ons toe. “Wespenplaag? Nee hoor, niet in deze buurt. Ja, mevrouw Smit, die schijnt er wel last van te hebben…”

Ik had nog wel een oud appeltje, dus ik heb ook zo’n fruitvliegjesval gebouwd. Dat viel een beetje tegen. Blijkbaar vinden ze appeltjes in een vaasje minder aantrekkelijk dan appeltjes die ik voor eigen consumptie had bedoeld, maar na een uurtje hadden zich toch aardig wat fruitvliegjes in het vaasje verzameld. De meesten waren overigens (dit in tegenstelling tot de wespen) niet bezig om te genieten van het lokaas, want blijkbaar hadden ze al snel door dat hun dagen geteld waren en zochten ze in paniek naar de uitgang. Oeps. Die wespen, die verzopen nogal snel, maar een appeltje garandeert geen wisse dood. Nou ja, die van de boze stiefmoeder van Sneeuwwitje, en zelfs zij heeft het overleefd.

Nu moet ik naar huis. En er staat een vaasje op het aanrecht met honderden paniekerige fruitvliegjes. Die wespen, dat waren krengen, twee ervan hebben me nog gestoken. Maar deze beestjes hebben feitelijk geen vlieg kwaad gedaan en nu heb ik hun enige dag van leven verpest door ze op te sluiten met een oud appeltje. Niet eens met een stukje banaan, of een sappige perzik.

Gelukkig is het in Nederland nooit zo heel lang zomer. Als de vlooien zijn bestreden en de egeltjes zoeken een holletje om de winter door te brengen, dan is het ook weer klaar met de fruitvliegjes. En ik moet de winter in, wetende dat ik een van de mooie dingen van de zomer heb lopen verzieken. Ik zal dan wel wat lekkere dingen ophangen voor de vogeltjes, om het goed te maken…

Advertenties