Ik ben eigenlijk nog nooit naar een begrafenis of crematie geweest, waarbij ik de overledene zelf, maar ook zijn of haar familie helemaal niet kende. Tot vanmorgen. En dat is raar…

Een oud-collega van Nico was overleden en de beste man werd gecremeerd in Nieuweschoot, gemeente Heerenveen. Omdat hij toch in de buurt was, wilde Nico er even langsgaan, als vertegenwoordiger van het laboratoriumpersoneel uit Leiden. Waarom de uitvaart hier plaats moest vinden, snapten wij ook niet, want hoewel de roots van zijn familie in Akkrum lagen, hier niet zo ver vandaan, woonde de overledene zelf al jaaaaren in Den Haag en ook zijn familie was Friesland lang en breed ontstegen, getuige de adressen op de rouwkaart. Omdat de man altijd erg op zichzelf was geweest, verwachtte Nico niet dat er veel mensen gingen komen. Om die reden (en omdat ik zijn persoonlijke TomTom ben) ging ik met hem mee. Het aantal bezoekers oversteeg onze verwachtingen, hoewel er nog geen 3 rijen bezet waren in het zaaltje. We meenden dan ook met een half uurtje wel weer thuis te zijn; ik had het lichtje onder de theepot laten branden… Maar nee, dat mocht zo niet zijn. De twee zusters die achterbleven, hadden blijkbaar een heel ander idee over het leven dan de overledene; althans uit Nico’s verhalen had ik begrepen dat we hier afscheid namen van een vrijbuiter die zich van God noch gebod veel had aangetrokken in het leven. Nou, de zusters wilden daar blijkbaar iets goedmaken, want ze hadden een dominee uitgenodigd. En wat voor eentje. Ik ben er zelf weliswaar van overtuigd dat er een God op ons neerkijkt en wij een stukje zijn van Zijn Schepping, maar deze dominee was in staat om je binnen een uur van je geloof te doen vallen. Je vraagt je echt af hoeveel uren drama die mensen krijgen op de domineeschool, om zo’n tragisch snikje in hun stem voor elkaar te krijgen en dat afgrijselijke zangerige toontje, waar is dat in ’s Hemelsnaam voor nodig?!? Yoga ondertussen, ga ik steeds meer waarderen. Gister bij de tandarts (adem in, adem uit) en zeker vandaag onder de preek. Adem in, adem uit, adem in, adem uit. Concentreer je op je ademhaling, daar word je weer rustig van…
En dan te bedenken dat die dominee blijkbaar geen idee had wie daar in de kist lag. Hij stond volgens mij echt alleen voor zijn eigene eer en glorie te vlammen achter het katheder.
Na afloop kregen we het gebruikelijke kopje koffie (of thee), maar wel met oranjekoek en direct daarna een stukje Ketellapper koek en direct daarna een broodje. Blijkbaar hadden ze haast? Nou, niet helemaal. Wij gingen even bij een ‘jong stel’ (van onze leeftijd dus) aan tafel zitten en dat bleken een neef en nicht van Nico’s oud-collega. En die nicht vertelde dat haar moeder en de moeder van haar neef ook nog een broer hadden: Wieger Ketellapper. Ja, die van de koek ja. En dat die Ketellappers dan wel eens bij haar thuis kwamen en dan altijd een koek meenamen in een houten kistje (als ware het een dure sigaar…) en dat zij die koek altijd ongelooflijk vies had gevonden. Maar voor de gelegenheid (en waarschijnlijk omdat aan het tafeltje naast ons de hele Ketellappertak was vertegenwoordigd) nam ze wel een plakje Snelle Jelle. En? vroeg haar broer die naast haar zat. “Nog steeds zo vies!”

Daar kwam de oudste zuster even poolshoogte nemen. Want natuurlijk had de familie allang overlegd wie die twee vreemde mensen waren op de derde rij. Een aardige dame; ze vertelde ons nog hoe haar broer aan zijn eind was gekomen en Nico deelde wat herinneringen met haar. Daarna vonden we het wel welletjes, maar we konden pas vertrekken nadat ook de andere zuster haar nieuwsgierigheid over deze vreemde eenden (die in de Ketellapper zaten te bijten) had gestild.
Ik heb geen spijt dat ik meegeweest ben, de mensen stelden het zeer op prijs en Nico in het bijzonder, maar ik geloof niet dat ik nog eens een uitvaart ga crashen…

Thuisgekomen stond mijn antwoordapparaat te flikkeren. Ja, hoera, de makelaar van nummer 104 had eindelijk teruggebeld; maandag moesten we maar even contact hebben. Nog 2 nachtjes wachten dus.
Om de metafoor in stand te houden, heb ik vanmiddag mijn borduurwerk opgespannen. Ik had Nico’s vader gevraagd of hij een raamwerk wilde maken en dat had ik gister gekregen. Het borduurwerk moet nu 2 nachtjes drogen op het raam…

Een beetje een dag dus van uitersten. Een crematie, maar wel met een leuk verhaal. Een leuk telefoontje, maar wel gemist helaas, en van mijn bijna ex-directrice (het is tenslotte nog geen 1 augustus) ontving ik vandaag een kaartje met lieve wensen en een VVV-bon. De kaart heeft een plekje gekregen op de koelkast en met de bon ga ik een zijden boeket kopen.
Vorig jaar namelijk hadden we op school een kerstmarkt, waar je de muntjes (bij wijze van kerstpakket) kon inwisselen voor artikelen van allerlei soort. De drankenstand was volgens mij het meest in trek, maar er was ook een soort keukenwinkeltje, een kraampje met lekkere verzorgingsproducten, een stalletje met lekkere hapjes, zoutjes, nootjes enzo en er was een tafel met spulletjes uit de Wereldwinkel. Nou werkte ik op de afdeling ICT en mijn jongens hadden de avond daarvoor een LAN-party georganiseerd. Ik was nog nooit op een LAN-party geweest en ik vermoed heel veel van mijn 3 lezers ook niet, dus ik zal even uitleggen hoe zoiets in z’n werk gaat. Je zet een heleboel computers neer, legt een netwerkje aan, laat de feestgangers plaatsnemen achter de computers en gaat dan met z’n allen een computerspelletje zitten doen. Tegen elkaar. Zoals wij vroeger om het ganzenbord zaten en iets later om de Party en Co. Natuurlijk deden ze alleen maar van die schietspelletjes, waarbij je zoveel mogelijk mensen in zo kort mogelijk tijd van kant moet maken. Ik heb het geprobeerd; ik heb in 10 minuten een heel peleton van eigen mensen uitgeroeid en ben zelf 14 keer doodgeschoten. Ze waren blij dat ik er weer mee stopte. Oh en er was in een lokaal een enorm groot scherm opgehangen, waar ze FIFA (voetbal ja) op speelden. Een echt jongensfeestje. Gelukkig hadden ze tegen mij gezegd dat bordspellen ook leuk waren, dus hebben we met een groepje docenten heel gezellig “Ik hou van Holland” zitten doen. Later kwam er iemand met een Wii (die heb ik ook) en Kitty, mijn stagiaire die ook Zumbalessen geeft, had een Zumbaspel meegenomen. Toen ze in haar Zumbatopje de passen voor ging doen, stond er al gauw een heel klasje tweedejaars achter haar te springen. Daarna drukten ze Mariokart in de Wii (die heb ik ook) en vond ik het pas echt gezellig worden.
Wat ik nog niet verteld heb: dit feest begon ’s avonds om zes uur en duurde tot de volgende ochtend een uur of 9. En om 11 uur begon de kerstmarkt. Tegen die tijd was ik zó moe en ik had zó geen zin om tussen het gedrang voor de drank te gaan staan, dat ik bij de Wereldwinkel in 1 klap al mijn muntjes heb geruild tegen een prachtige vaas. De vaas heeft 1 nadeel: hij is nogal groot (wat overigens ook wel mag hoor, voor 13 muntjes…), dus meestal staat hij alleen maar in de weg.

Ik had net vandaag besloten dat de vaas meemocht naar het studiehuis, maar dat er dan wel een boeket in zou moeten. En kijk, daar vallen zo de ‘muntjes’ voor de bloemen uit een geschenkenvelop.

Het leven kan zo mooi zijn. En morgen wordt het zomer, zeggen ze…

Leia

Advertenties